Vijf niveaus van commerciele volwassenheid
De meeste bedrijven die mij bellen denken dat ze een salesprobleem hebben. Of een marketingprobleem. Of een propositie die net niet landt. Bijna nooit klopt die diagnose. Wat ze werkelijk hebben is een niveau. Hun hele commerciële organisatie staat op een trede van een ladder die nog nooit is benoemd, en zolang die trede onbenoemd blijft, bestrijd je symptomen op de verkeerde hoogte.
Dat inzicht is niet nieuw. In software-engineering bracht het Capability Maturity Model, ontwikkeld aan het Software Engineering Institute van Carnegie Mellon, al in de jaren negentig in kaart dat organisaties niet willekeurig presteren, maar langs vaste niveaus van volwassenheid bewegen, van ad hoc tot zelflerend. Ik heb diezelfde logica toegepast op de commerciële volwassenheid en die langs vier assen en vijf processtappen gelegd. Het maakt niet uit of je het bedrijf zelf hebt opgebouwd, het als investeerder begeleidt, of de opdracht kreeg om de commerciële motor te verbouwen. Het niveau is hetzelfde gegeven. Alleen je belang erbij verschilt.
Niveau 1: Ad hoc
Draait alles op een paar mensen en op onderbuikgevoel?
Er is geen expliciete strategie, er is intuïtie: van de oprichter, of van de paar mensen die het bedrijf groot hebben gemaakt. Verkopers gaan ieder op hun eigen manier te werk, de beste deals en de scherpste kennis zitten in iemands hoofd, en elke opdracht is in feite maatwerk. Het gevolg is een pijplijn van feast or famine, een forecast op basis van happy ears, en inefficiëntie die sneller groeit dan de omzet. De muur waar dit niveau tegenaan loopt is simpel: de groei stopt zodra de mensen waar alles op leunt vol zitten.
Niveau 2: Gemanaged
Werkt iedereen hard, terwijl je veel inefficiëntie hebt?
Nu is er een jaarplan, een CRM en een manager die stuurt op activiteit: aantal belletjes, aantal MQL’s. Het oogt als grip. Maar alles wordt lokaal geoptimaliseerd binnen silo’s. Marketing viert leadvolume, sales accepteert er minder dan tien procent van, en delivery erft beloftes die niemand heeft afgestemd. Bij elke overdracht lekt de emmer. Vaak groeit de omzet nog terwijl de marge verdampt, omdat elke deal opnieuw handwerk vraagt. Dit is waar de meeste organisaties met goede mensen en een gezonde basis blijven steken, en precies daar zit het gevaar. Niveau 2 voelt van binnenuit als succes. Er komt omzet uit, het werkt. Het schaalt alleen niet, omdat het draait op helden en silo’s in plaats van op een systeem.
Niveau 3: Gedefinieerd
Is succes herhaalbaar, of nog steeds persoonsgebonden?
Strategie is vertaald naar rollen en processen. Jaardoelen hangen aan kwartaal-OKR’s, er is één gedeelde manier van werken, en teams opereren als zelfsturende teams (pods) met een mandaat. De machine staat, iedereen spreekt dezelfde taal, en ruim zeventig procent van de omzet komt uit een scherp gedefinieerd klantprofiel. Dit is het eerste niveau dat onafhankelijk van individuen presteert: succes is herhaalbaar geworden en overleeft een vertrek of een wisseling van de wacht. De win-rate per segment is stabiel. De muur hier is subtiel. Je kunt herhalen wat werkt, maar je ziet een tegenvallend kwartaal nog niet aankomen. Je stuurt op wat al gebeurd is.
Niveau 4: Voorspelbaar
Stuur je op wat al gebeurd is, of op wat gaat gebeuren?
Hier verschuift de besturing van herhalen naar meten. Wat op niveau 3 herhaalbaar was, wordt nu voorspelbaar, omdat je de variantie in je proces meet en erop stuurt. Sales velocity is de leidende indicator, customer success voorspelt churn en uitbreiding voordat ze gebeuren, en de inzet van mensen volgt de data. Je weet op dag één ongeveer hoeveel deals er op dag dertig vallen. De bewijslast is hard: forecast-afwijking binnen vijf tot tien procent, een gezonde LTV:CAC en een Net Revenue Retention boven de 110 procent. Winst wordt een keuze. De muur: te veel vertrouwen op het model maakt blind voor de schok die buiten elke meetreeks valt.
Niveau 5: Adaptief
Word je beter van chaos?
De organisatie is scenario-gedreven en zelf-corrigerend. Er draaien leerloops op realtime data, en het bedrijf wordt beter van elke deal die het verliest. De marktpositie wordt moeilijk aan te vallen, de acquisitiekosten dalen terwijl het volume stijgt, en een deel van de groei komt uit klanten die zelf nieuwe klanten aandragen. Het bewijs zit in een time-to-pivot onder één kwartaal en een pijplijn die grotendeels organisch binnenkomt. De muur op dit niveau is menselijk: arrogantie, en blindheid voor de disruptie die van onderaf komt.
Waarom de meeste bedrijven blijven steken bij niveau 2
Vrijwel elke IT-dienstverlener of B2B-SaaS-organisatie die is doorgegroeid naar vijftig tot tweehonderd mensen zit op niveau 2. Goede mensen, tevreden klanten. En juist dat maakt het zo moeilijk te zien, want niveau 2 produceert omzet en voelt daardoor als aankomen. Niveau 2 is geen succes dat nog even moet rijpen. Het is een plafond.
Datzelfde niveau bepaalt wat een koper of investeerder voor je betaalt. Een organisatie op niveau 2, met een forecast die een gok is en omzet die aan personen hangt, wordt afgeprijsd op precies dat risico. Vanaf niveau 3 verkoop je voorspelbaarheid, en daar zit de premie. Voor IT-dienstverleners die van projectwerk naar recurring revenue willen, is deze klim niet optioneel: projectwerk leeft op niveau 1 en 2, maar terugkerende omzet vraagt op zijn minst niveau 3, omdat voorspelbare inkomsten een voorspelbaar systeem veronderstellen.
De sprong die telt is die van 2 naar 3. Van een organisatie die draait op losse helden en toeval, naar een organisatie die draait op een systeem. Het is de overgang van een bedrijf dat afhankelijk is van een paar mensen, naar een bedrijf dat ook zonder hen kan draaien en gewaardeerd worden. Die sprong is een ontwerpopgave. Meer uren maken of een betere verkoper aannemen brengt je er niet, want dan optimaliseer je een onderdeel terwijl het systeem het probleem is. Het is precies de sprong die je terugziet in de cases.
Waar sta jij?
Het ongemakkelijke aan dit model is dat je je eigen niveau bijna nooit goed inschat. Van binnenuit voelt niveau 2 als niveau 3, omdat de omzet groeit en het team hard werkt. Daarom meet ik het liever dan dat ik het inschat, langs de vier assen en de vijf processtappen die samen je commerciële volwassenheid bepalen. De uitkomst is tegelijk een groeidiagnose en een waardebepaling: ze laat zien waar je vastloopt, en wat het je kost in zowel momentum als enterprise value.
Wil je weten op welke trede je commerciële organisatie echt staat, en welke ene interventie je naar de volgende brengt? Dan is dat het gesprek dat we voeren.
Benieuwd op welke trede jij staat?
In een gesprek leg ik je commerciële organisatie langs het model en zie je direct waar je vastloopt.

